ECLI:NL:RBDHA:2021:1098
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek opschorting toegangsweigering op grond van coronamaatregelen voor langeafstandsgeliefden
Verzoekster, een Servische vrouw, werd op 31 januari 2021 de toegang tot Nederland geweigerd en een vrijheidsbeperkende maatregel opgelegd. Zij stelde administratief beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om haar uitzetting op 7 februari 2021 te voorkomen.
De voorzieningenrechter beoordeelde dat het administratief beroep geen redelijke kans van slagen had omdat de uitzonderingsregeling voor langeafstandsgeliefden per 23 januari 2021 was opgeschort vanwege de verspreiding van de Britse variant van het coronavirus. Hoewel de communicatie hierover niet direct zichtbaar was in de app van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, was de informatie wel beschikbaar via de app en de website van de Rijksoverheid.
Verzoekster voerde aan dat zij niet op de hoogte was van de wijziging en in het bezit was van twee negatieve coronatesten, maar dit maakte het oordeel niet anders. Het was haar verantwoordelijkheid om de geldigheid van de uitzonderingsregeling vooraf te controleren. Daarom werd het verzoek tot opschorting van de toegangsweigering afgewezen.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd en tegen deze uitspraak stond geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek tot opschorting van de toegangsweigering werd afgewezen omdat de uitzonderingsregeling voor langeafstandsgeliefden was opgeschort.