ECLI:NL:RBDHA:2021:11418
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag wijziging verblijfsvergunning naar arbeid in loondienst
Eiser, van Turkse nationaliteit, vroeg wijziging van zijn verblijfsvergunning naar arbeid in loondienst. Verweerder wees dit af omdat eiser niet voldeed aan de vereiste van een jaar onafgebroken arbeid bij dezelfde werkgever zoals gesteld in artikel 6 van Pro het Besluit 1/80.
Eiser voerde aan dat persoonlijke omstandigheden, zoals een ongeluk en de coronacrisis, zijn arbeidsmogelijkheden beperkten en dat de voorwaarden onredelijk zwaar zijn. De rechtbank oordeelde dat deze omstandigheden onvoldoende waren onderbouwd en dat de voorwaarden juist gericht zijn op het waarborgen van continuïteit van arbeid bij dezelfde werkgever.
De rechtbank stelde vast dat eiser niet voldeed aan de vereisten en dat de stukken over zijn huidige situatie na het bestreden besluit niet relevant zijn voor deze procedure. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag tot wijziging van de verblijfsvergunning naar arbeid in loondienst wordt ongegrond verklaard.