ECLI:NL:RBDHA:2021:11432

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
14 oktober 2021
Publicatiedatum
20 oktober 2021
Zaaknummer
AWB 20/9050
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:81 AwbArt. 8:83 lid 3 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot schorsing uitzetting na vernietiging besluit

De voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag heeft op 14 oktober 2021 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak betreffende een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen uitzetting.

Verzoeker had gevraagd om te bepalen dat de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie de uitzetting niet mocht uitvoeren totdat op het beroepschrift was beslist. De voorzieningenrechter overwoog dat dit verzoek niet kan worden toegewezen omdat op 17 september 2021 reeds op het beroep is beslist, waarbij het beroep gegrond is verklaard en het bestreden besluit is vernietigd.

Daarom werd het verzoek tot schorsing van de uitzetting afgewezen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan verzoeker. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de uitzetting wordt afgewezen omdat het beroep reeds gegrond is verklaard en het besluit is vernietigd.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht
Zaaknummer: AWB 20/9050
V-nummer: [nummer]

uitspraak van de voorzieningenrechter voor vreemdelingenzaken in de zaak tussen

[naam], verzoeker,

gemachtigde: mr. J.J.J. Jansen,
en

de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, verweerder.

Overwegingen

De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 8:83, derde lid, van de Awb buiten zitting uitspraak.
De voorzieningenrechter is verzocht om hangende beroep in de procedure met zaaknummer AWB 21/3047 te bepalen dat verweerder de uitzetting van verzoeker achterwege dient te laten, totdat op het beroepschrift is beslist.
In het onderhavige geval is er geen aanleiding tot het treffen van de gevraagde voorzieningen, nu op 17 september 2021 op het beroep is beslist. Het beroep is gegrond verklaard en het bestreden besluit is vernietigd.
Verweerder wordt op na te melden wijze in de proceskosten veroordeeld.

Beslissing

De voorzieningenrechter:
- wijst het verzoek af;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten ad € 534,- (vijfhonderdvierendertig euro), te betalen aan verzoeker.
Deze uitspraak is gedaan door mr. K.M. de Jager, voorzieningenrechter, in tegenwoordigheid van G. de Keuning, griffier en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl
Afschrift verzonden op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.