De voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag heeft op 14 oktober 2021 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak betreffende een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening tegen uitzetting.
Verzoeker had gevraagd om te bepalen dat de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie de uitzetting niet mocht uitvoeren totdat op het beroepschrift was beslist. De voorzieningenrechter overwoog dat dit verzoek niet kan worden toegewezen omdat op 17 september 2021 reeds op het beroep is beslist, waarbij het beroep gegrond is verklaard en het bestreden besluit is vernietigd.
Daarom werd het verzoek tot schorsing van de uitzetting afgewezen. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan verzoeker. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.