ECLI:NL:RBDHA:2021:11482
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Sticker arbeidsmarktaantekening 'Arbeid niet toegestaan' in paspoort rechtmatig geplaatst
Eiser, een Marokkaanse nationaliteit dragend familielid van een unieburger, heeft een aanvraag ingediend voor een EU-document om in Nederland te verblijven en te werken. Tijdens de procedure plaatste verweerder een sticker in het paspoort van eiser met de arbeidsmarktaantekening 'Arbeid niet toegestaan', omdat twijfels bestonden over de echtheid van de familierechtelijke relatie en de duurzaamheid daarvan.
Eiser maakte bezwaar tegen deze handeling en verzocht om een voorlopige voorziening, waarna verweerder het bezwaar ongegrond verklaarde. Eiser stelde dat hij schade had geleden doordat hij niet kon werken en overhandigde een verklaring van een potentiële werkgever. De rechtbank stelde vast dat eiser voldoende belang had bij een inhoudelijke beoordeling van het beroep.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht de sticker had geplaatst, gelet op de illegale inreis en het illegale verblijf van eiser en de discrepanties in de relatieverklaring. De overgelegde stukken waren onvoldoende om zonder meer vast te stellen dat er sprake was van een duurzame relatie. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.