ECLI:NL:RBDHA:2021:11634
Rechtbank Den Haag
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Benoeming deskundige voor vaststelling inkomensschade en fosfaatrechtenverlies melkveehouder
In deze civiele bodemprocedure tussen eiser, een melkveehouder, en de Staat der Nederlanden, heeft de rechtbank Den Haag op 15 september 2021 een tussenvonnis gewezen waarin een deskundigenonderzoek wordt bevolen. Dit onderzoek betreft de vaststelling van de door eiser geleden inkomensschade door melkproductieverlies in de periode 2014-2018 en de schade door misgelopen fosfaatrechten als gevolg van onrechtmatige besluitvorming.
Partijen konden niet tot overeenstemming komen over de benoeming van een deskundige en de te stellen vragen. De rechtbank heeft daarom zelf een deskundige, de heer A, senior bedrijfsadviseur bij Flynth, benoemd. Deze deskundige zal ook gebruik maken van de expertise van een collega, de heer B, en heeft een kostenraming van 14.157 euro inclusief btw opgesteld.
De rechtbank bepaalt dat de Staat het voorschot op de kosten van het deskundigenbericht dient te storten, gezien de voorshands aannemelijke aansprakelijkheid. Partijen krijgen gelegenheid zich uit te laten over de benoeming, het voorschot en de algemene voorwaarden van de deskundige.
De rechtbank heeft een uitgebreide lijst van 21 vragen vastgesteld die de deskundige zal beantwoorden, gericht op de productie, kosten, winst, en fosfaatrechten van eiser. De rechtbank wijst een verzoek van eiser af om ook schade vanaf 1 januari 2019 te onderzoeken, omdat dit in een aparte schadestaatprocedure zal worden behandeld.
De zaak wordt verwezen naar de rol van 29 september 2021 voor verdere procedurele stappen, waarbij verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank benoemt een onafhankelijke deskundige en houdt verdere beslissingen aan.