ECLI:NL:RBDHA:2021:12032
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen strijd met discriminatie bij fiscale behandeling Tozo-uitkering voor samenwonende partners
Eiser en zijn partner, die samenwonen en een gezamenlijke huishouding voeren, hebben beiden een Tozo-uitkering ontvangen voor de periode van 1 maart tot en met 31 mei 2020. Eiser maakte bezwaar tegen de fiscale behandeling waarbij de uitkering ook op zijn naam staat en hij hierover belasting moet betalen.
De rechtbank stelt vast dat de Tozo-regeling is gebaseerd op artikel 78f van de Participatiewet, waarin ongehuwd samenwonenden die een gezamenlijke huishouding voeren als gehuwd worden aangemerkt. De uitkering is een gezinsuitkering die fiscaal bij beide partners wordt belast. De aanvraag is door beiden ondertekend en het bedrag is hoger dan voor een alleenstaande.
Eisers bezwaar dat de uitkering alleen op naam van zijn partner moet staan en dat de werkwijze van verweerder in strijd is met het discriminatieverbod wordt verworpen. De rechtbank vindt de fiscale behandeling rechtmatig en verklaart het beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de fiscale behandeling van de Tozo-uitkering wordt ongegrond verklaard.