ECLI:NL:RBDHA:2021:12255

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
4 november 2021
Publicatiedatum
10 november 2021
Zaaknummer
NL21.171
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Artikel 17 Dublinverordening
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing voorlopige voorziening tegen overdracht aan Italië op grond van Dublinverordening

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening. De voorzieningenrechter had eerder een ordemaatregel getroffen die overdracht aan Italië tijdelijk verbood.

Op 7 oktober 2021 vond de zitting plaats waarbij verzoeker en zijn gemachtigde verschenen en de zaak samen met een gerelateerde zaak werd behandeld. De rechtbank heeft bij uitspraak van dezelfde dag in de hoofdzaak geoordeeld, waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is.

De voorzieningenrechter wijst daarom het verzoek om voorlopige voorziening af en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen overdracht aan Italië wordt afgewezen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL21.171

uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen

[verzoeker], verzoeker,

V-nummer: [v-nummer]
(gemachtigde: mr. J. Oosterhof),
en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,

(gemachtigde: mr. R. Jonkman).

Procesverloop

Bij besluit van 5 januari 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van verzoeker tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen, omdat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan.
Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
Bij uitspraak van 19 mei 2021 heeft de voorzieningenrechter een ordemaatregel getroffen, inhoudende dat verzoeker niet mag worden overgedragen aan Italië totdat definitief op het verzoek om een voorlopige voorziening is beslist.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, tezamen met de zaak NL21.170, op 7 oktober 2021 met behulp van een beeldverbinding op zitting behandeld. Verzoeker is verschenen, bijgestaan door zijn gemachtigde. Als tolk is verschenen L. Totosashvili. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer NL21.170, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. W. Anker, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. R. Ben Sellam, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.