ECLI:NL:RBDHA:2021:12261
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen overdrachtsbesluit vreemdeling na overdracht
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om hem over te dragen aan de autoriteiten van Roemenië. Tevens verzocht eiser om een voorlopige voorziening, die door de voorzieningenrechter werd afgewezen. Tijdens de zitting op 4 november 2021 verschenen partijen niet, en de rechtbank deed onmiddellijk uitspraak.
De rechtbank stelde ambtshalve vast dat eiser op 3 september 2021 daadwerkelijk was overgedragen aan Roemenië. De gemachtigde van eiser gaf aan sinds die overdracht geen contact meer te hebben met eiser, die ook niet op de zitting verscheen. Hierdoor concludeerde de rechtbank dat eiser geen belang meer had bij de behandeling van het beroep.
Gezien het ontbreken van procesbelang verklaarde de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd openbaar gedaan en kan binnen vier weken worden aangevochten bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het overdrachtsbesluit is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na overdracht.