ECLI:NL:RBDHA:2021:12481
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in Dublinprocedure verblijfsvergunning asiel
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft dit verzoek niet in behandeling genomen omdat Italië verantwoordelijk wordt gehouden voor de behandeling van de asielaanvraag op grond van de Dublinverordening.
Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. Tijdens de zitting op 19 januari 2021, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde niet aanwezig waren, is het verzoek behandeld samen met een andere zaak (NL20.251).
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat gezien de uitspraak in de andere zaak een voorlopige voorziening niet langer nodig is en wijst het verzoek daarom af. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan op 22 januari 2021 en is definitief, hoger beroep is niet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de Dublinverantwoordelijkheid bij Italië ligt.