Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.Bewijsoverwegingen
welterwijl verdachte diens identiteitskaart onrechtmatig onder zich hield. En toen voor die eerste betaling werd afgesproken was nota bene ook de medeverdachte, die hem eerder had mishandeld, weer aanwezig. Uit de verklaringen van [naam 1] , volgt duidelijk dat hij zich hierna gedwongen voelde nog veel grotere bedragen te voldoen aan zijn belagers. Het feit dat die bedragen ook (zonder meer) betaald werden door [naam 1] is voor de rechtbank mede redengevend om van deze dwang uit te gaan. In een normale wereld betaalt men geen 330 euro om verhoudingen met een vriend goed te houden. Naar het oordeel van de rechtbank heeft de verdachte gewoon handig gebruikgemaakt van de kwetsbaarheid van aangever: de verdachte is gewoon steeds meer gaan vragen. Tegen de achtergrond van al het voorgaande acht de rechtbank het onder 2 subsidiair ten laste gelegde dan ook wettig en overtuigend bewezen. Uit het voorgaande volgt dan eveneens dat ook dat de rechtbank het witwassen van het geld en de identiteitskaart, zoals ten laste gelegd onder feit 3 wettig en overtuigend bewezen acht.
- de verklaring door de verdachte afgelegd ter zitting van 21 oktober 2021;
- de verklaring van de verdachte van 7 februari 2021 (p. 84);
- proces-verbaal van bevindingen van 7 februari 2021, met bijlage (p. 44-45).
- de verklaring door de verdachte afgelegd ter zitting van 21 oktober 2021;
- de verklaring van de verdachte van 13 december 2020 (p. 4-7);
- proces-verbaal van bevindingen van 4 december 2020, met bijlagen (p. 23-25).
4.De bewezenverklaring
voornoemde geldbedragenin ontvangst te nemen;
een ander, een muts (merk: Moncler)
van[aangever 2] , heeft weggenomen met het oogmerk om
dezezich wederrechtelijk toe te eigenen,
envergezeld van geweld en bedreiging met geweld tegen die [aangever 2] , gepleegd met het oogmerk om die diefstal voor te bereiden
engemakkelijk te maken, door
cursievewijzigingen. De verdachte is hierdoor niet benadeeld.
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde en van de verdachte
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De straf en/of maatregel
8.De vordering van de benadeelde partij / schadevergoedingsmaatregel
9.De toepasselijke wetsartikelen
10.De beslissing
een gedeelte van de jeugddetentie, groot 30 DAGEN,niet ten uitvoer zal worden gelegd als de verdachte zich tot het einde van de proeftijd, die
2 jarenis, houdt aan de volgende voorwaarden:
Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden, een gecertificeerde instelling die jeugdreclassering uitvoert, opdracht om erop toe te zien dat de verdachte zich zal houden aan de voorwaarden en om hem daarbij te begeleiden;
dadelijk uitvoerbaarzijn;
zijnde Tools4 U Verlengd, voor de tijd van 30 UREN;
15 DAGEN;
[naam 1]toe voor het bedrag van
vermeerderd met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 22 september 2020 tot de dag waarop de vordering is betaald, en veroordeelt de verdachte in de proceskosten door de benadeelde partij gemaakt, tot op heden begroot op
€ 00,00, en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken;
€ 530,00aan de Staat te betalen,
vermeerderd met de wettelijke rente, te rekenen vanaf 22 september 2020 tot de dag waarop het bedrag is betaald, voor het slachtoffer
[naam 1]
gijzelingop
0 dagenals de verdachte niet voldoet aan zijn betalingsverplichting;