Eiser stelde beroep in tegen het besluit van de algemeen directeur van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) om het bezwaar tegen de opgelegde Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer (EMG) ongegrond te verklaren. Dit beroep is vervolgens ingetrokken omdat verweerder tegemoet is gekomen aan eiser.
Eiser verzocht gelijktijdig met de intrekking om een afzonderlijke uitspraak waarbij verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten, waaronder de kosten van de cursus verantwoord rijgedrag, reis- en verblijfskosten en kosten van rechtsbijstand.
De rechtbank oordeelt dat alleen kosten genoemd in het Besluit proceskosten bestuursrecht voor vergoeding in aanmerking komen. De kosten van de cursus worden toegewezen, evenals de kosten van rechtsbijstand in de bezwaarprocedure. Verzoek tot vergoeding van reiskosten wordt afgewezen wegens gebrek aan bewijs. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van € 2.287,- aan proceskosten.
De rechtbank merkt op dat eiser door de intrekking niet hoeft deel te nemen aan de cursus en dat het griffierecht door verweerder wordt vergoed op grond van de Awb. De uitspraak is gedaan door rechter Bosman op 29 november 2021.