Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.[de vrouw B] [plaats 2] ,
[de man]te [plaats 3] , [land] ,
1.De procedure
2.De inleiding
3.De beoordeling
In de tussenkomst - geschil tussen [de vrouw B] en [de man]
f115.414. Dit is een bedrag van € 52.372. Nu dit het enige bewijsstuk is waarover de rechtbank beschikt, neemt zij dit bedrag als waarde. [de vrouw B] heeft recht op 50% hiervan, dat is een bedrag van € 26.186. Dit betekent dat [de vrouw B] van het aan haar in april 2016 ten goede gekomen bedrag een bedrag van € 26.816 mag aftrekken zodat een door haar te betalen bedrag van € 177.043,92 resteert.