ECLI:NL:RBDHA:2021:13318
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewet-uitkering na herbeoordeling arbeidsvermogen en maatman
Eiseres, laatstelijk pedagogisch medewerker, ontving een Ziektewet-uitkering vanwege psychische en fysieke klachten. Na een eerstejaars beoordeling stelde de verzekeringsarts beperkingen vast en de arbeidsdeskundige bepaalde het maatmaninkomen. Verweerder beëindigde de uitkering omdat eiseres meer dan 65% van haar maatmaninkomen kan verdienen.
Eiseres voerde aan dat haar psychische klachten onvoldoende waren meegewogen en dat de maatman onjuist was vastgesteld, met name vanwege een vermeende strijdigheid met het verbod op reformatio in peius. De verzekeringsarts bezwaar en beroep (b&b) had meerdere rapporten uitgebracht, waarin de beperkingen werden bevestigd en gemotiveerd, zonder aanwijzingen voor ernstiger beperkingen.
De rechtbank oordeelde dat de medische rapporten zorgvuldig en duidelijk waren en dat eiseres onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat deze onjuist waren. De aanpassing van de maatman door de arbeidsdeskundige b&b was goed gemotiveerd en niet in strijd met het verbod op reformatio in peius, mede omdat eiseres zelf om wijziging had verzocht. De uitkering is terecht beëindigd en het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de beëindiging van de ZW-uitkering per 30 november 2019.