ECLI:NL:RBDHA:2021:13673
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na beoordeling arbeidsongeschiktheid
Eiseres was werkzaam als tuinbouwmedewerkster en werd ziekgemeld na een hersenbloeding in januari 2019. Na ziekenhuisopname en revalidatie werd haar aanvankelijk een Ziektewetuitkering toegekend. Na een eerstejaarsbeoordeling werd de uitkering beëindigd omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. Eiseres kreeg daarna een WW-uitkering, maar meldde zich opnieuw ziek met dezelfde klachten en kreeg opnieuw een ZW-uitkering toegekend.
Verweerder beëindigde de ZW-uitkering per 11 mei 2020 op grond van een arbeidsdeskundig rapport waarin werd vastgesteld dat eiseres meer dan 65% van het maatmaninkomen kon verdienen. Eiseres voerde aan volledig arbeidsongeschikt te zijn en overlegde medische rapporten en verslagen van specialisten en therapeuten ter onderbouwing.
De rechtbank oordeelt dat eiseres onvoldoende objectieve medische gegevens heeft aangevoerd die de bevindingen van de verzekeringsartsen weerleggen. De klachten kunnen niet worden vertaald in beperkingen die het verrichten van de geduide functies onmogelijk maken. De beslissing tot beëindiging van de ZW-uitkering wordt daarom bevestigd en het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de beëindiging van haar Ziektewetuitkering wordt ongegrond verklaard.