Eiser heeft bij aankomst in Nederland met een geldig Jemenitisch paspoort asiel aangevraagd. Tegen de opgelegde vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6, derde lid, van de Vreemdelingenwet 2000 heeft eiser beroep ingesteld en tevens een verzoek om schadevergoeding ingediend.
De maatregel is door verweerder op 22 november 2021 opgeheven, waardoor de beoordeling zich beperkte tot de vraag of de tenuitvoerlegging onrechtmatig was en schadevergoeding toekomt. Eiser stelde dat een lichtere maatregel passend was, gezien zijn asielaanvraag en persoonlijke omstandigheden.
De rechtbank oordeelde dat het grensbewakingsbelang zwaarder weegt en dat vrijheidsontneming in de grensprocedure in beginsel noodzakelijk is. Eiser heeft geen bijzondere omstandigheden aangevoerd die vrijheidsontneming onevenredig bezwarend maken. Verweerder heeft voldoende gemotiveerd waarom een lichtere maatregel niet passend was.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.