ECLI:NL:RBDHA:2021:14041
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering machtiging voorlopig verblijf voor gezinshereniging Eritrese minderjarige kinderen
Eisers, minderjarige kinderen van Eritrese nationaliteit, vroegen om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor gezinshereniging bij hun oudere zus in Nederland. De staatssecretaris wees het verzoek af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank oordeelde in een tussenuitspraak dat de belangenafweging door verweerder onvoldoende was gemotiveerd en gaf hem de gelegenheid dit te herstellen.
Verweerder nam een aanvullend besluit, maar de rechtbank oordeelde dat hierin onvoldoende rekening was gehouden met de precaire situatie van de minderjarige eisers, die zonder ouders in een vreemd land verblijven. Ook was het financiële draagvlak van de referent en diens zus onvoldoende onderzocht en gemotiveerd. Daarnaast was het standpunt over het ontbreken van een toestemmingsverklaring van de vader onredelijk.
De rechtbank concludeerde dat de belangenafweging wederom niet voldeed aan de eisen van zorgvuldigheid en motivering, waardoor het bestreden besluit in strijd is met de Algemene wet bestuursrecht. Het beroep is gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen zes weken. Tevens is verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet binnen zes weken een nieuw besluit nemen.