ECLI:NL:RBDHA:2021:14256
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen verkeersbesluit laadpaal Fluitschipkade Zoetermeer
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer een verkeersbesluit genomen om twee parkeervakken aan de Fluitschipkade aan te wijzen voor het opladen van elektrische voertuigen. Eiser maakte bezwaar tegen de locatie van het oplaadpunt en stelde dat het besluit onzorgvuldig was genomen en niet voldoende was gemotiveerd.
De rechtbank oordeelt dat verweerder de belangen zorgvuldig heeft afgewogen, waaronder verzoeken van bewoners, parkeerdruk, verkeersveiligheid en spreiding van oplaadpunten. De locatie betreft geen kruispunt maar een T-splitsing, waardoor de parkeerregels van artikel 24 RVV Pro 1990 niet van toepassing zijn. Ook is niet aannemelijk dat het oplaadpunt gevaarlijke verkeerssituaties veroorzaakt.
Procedureel is vastgesteld dat verweerder het bezwaar van eiser ongegrond heeft verklaard zonder het advies van de commissie bezwaarschriften af te wachten, maar dit maakt het besluit niet onrechtmatig. Verweerder is ook geen dwangsom verschuldigd omdat het besluit binnen de wettelijke termijnen is genomen.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en dat het verkeersbesluit rechtmatig is genomen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen het verkeersbesluit laadpaal aan de Fluitschipkade wordt ongegrond verklaard.