Het college van dijkgraaf en hoogheemraden van Rijnland verleende op 19 oktober 2021 een watervergunning aan de provincie Zuid-Holland voor werkzaamheden aan de Gouwe in Boskoop, waaronder het aanbrengen van een nieuwe oeverconstructie en het dempen van primair oppervlaktewater.
Verzoekers maakten bezwaar tegen dit besluit en vroegen de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening. Zij stelden dat het projectplan niet voldeed aan de eisen van de Waterwet, dat de stabiliteit van de oeverconstructie onvoldoende was onderzocht, en dat risico's zoals kwel en piping onvoldoende waren meegenomen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat een inhoudelijke beoordeling in deze spoedprocedure niet mogelijk was vanwege de complexiteit en beperkte tijd. Bij de belangenafweging woog het belang van verweerder en vergunninghouder zwaarder dan dat van verzoekers, mede omdat de werkzaamheden grotendeels al waren uitgevoerd en een voorlopige voorziening tot grote vertraging zou leiden. Het verzoek werd daarom afgewezen en de schorsing van het besluit opgeheven.