ECLI:NL:RBDHA:2021:14761
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag en oplegging inreisverbod wegens veilige status Marokko
Eiser, van Marokkaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel vanwege vrees voor militaire dienst, bedreigingen door zijn oom en de president van zijn gemeenschap, en een gebrek aan bestaanszekerheid in Marokko. Verweerder wees de aanvraag af omdat Marokko als veilig land van herkomst is aangemerkt, en legde een inreisverbod van twee jaar op.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat Marokko voor hem persoonlijk onveilig is. Zijn verklaringen over bedreigingen en corruptie zijn onvoldoende onderbouwd en er is geen bewijs dat hij geen bescherming kan krijgen van de Marokkaanse autoriteiten. Ook is het niet aannemelijk dat militaire dienstplicht de reden van vertrek is, aangezien deze pas in 2018 is heringevoerd.
Verder is gesteld dat terugkeer tot schending van artikel 3 EVRM Pro kan leiden vanwege materiële ontberingen, maar dit is onvoldoende onderbouwd. Het beroep op een verblijfsvergunning op humanitaire gronden wordt verworpen omdat Marokko als veilig wordt beschouwd. Het inreisverbod is terecht opgelegd conform de Vreemdelingewet. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit tot afwijzing van de asielaanvraag en oplegging van een inreisverbod wordt bevestigd.