De kinderrechter van de Rechtbank Den Haag heeft op 20 januari 2021 een machtiging verleend tot uithuisplaatsing van een minderjarige. Dit verzoek werd gedaan door Stichting Jeugdbescherming West Haaglanden vanwege langdurige onveiligheid in het gezin, veroorzaakt door de onvoldoende bekwaamheid van de moeder om grenzen te stellen en emotionele beschikbaarheid te bieden.
De minderjarige heeft een zwaar belast verleden, waaronder getuige en slachtoffer zijn van huiselijk geweld binnen het gezin. Ondanks eerdere individuele en gezinstherapie zijn de patronen niet doorbroken en blijft de veiligheid onvoldoende gewaarborgd. De minderjarige verbleef op een logeerhuis en voelde zich thuis onveilig door vernedering en schreeuwen.
De moeder stemde in met de uithuisplaatsing en erkende dat het beter was voor de minderjarige om tot rust te komen. De kinderrechter oordeelde dat de wettelijke gronden voor machtiging tot uithuisplaatsing aanwezig zijn en dat deze noodzakelijk is om de veiligheid en stabiliteit van de minderjarige te waarborgen.
De machtiging geldt van 20 januari 2021 tot 20 maart 2021, de duur van de ondertoezichtstelling. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en kan binnen drie maanden worden aangevochten door belanghebbenden.