ECLI:NL:RBDHA:2021:15146
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Frankrijk volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is voor de behandeling. Eiser stelt dat Frankrijk zijn asielverzoek niet zorgvuldig heeft behandeld en dat hij bij terugkeer gevaar loopt op indirect réfoulement, alsmede geen toegang tot opvang en voorzieningen zal krijgen.
De rechtbank overweegt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt ten opzichte van Frankrijk, tenzij eiser kan aantonen dat dit niet opgaat. Eiser is hierin niet geslaagd, omdat hij geen bewijs heeft geleverd van structurele gebreken in het Franse asiel- en opvangsysteem. Zijn eerdere asielaanvraag in Frankrijk is in behandeling genomen en er is een beslissing op genomen.
Verder heeft eiser niet aannemelijk gemaakt dat hij geen adequate rechtsbijstand heeft gehad of dat de behandeling onzorgvuldig was. Frankrijk garandeert dat nieuwe asielaanvragen in behandeling worden genomen en dat uitzetting niet in strijd zal zijn met het verbod op réfoulement. Eiser heeft ook niet overtuigend gesteld dat hij geen toegang heeft tot Franse autoriteiten om klachten in te dienen.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.