ECLI:NL:RBDHA:2021:15151
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag op grond van Dublinverordening
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat op grond van de Dublinverordening Italië verantwoordelijk is voor de behandeling van zijn aanvraag.
De rechtbank overweegt dat de Nederlandse overheid in het algemeen mag uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel ten opzichte van Italië, zoals bevestigd door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat dit in zijn situatie anders is, ondanks verwijzingen naar rapporten over tekortkomingen in het Italiaanse asiel- en opvangsysteem en de gevolgen van de coronapandemie.
De aangevoerde rapporten en artikelen geven geen zodanig ander beeld dat het vertrouwen in Italië als verantwoordelijke staat moet worden opgeheven. Ook het persoonlijke relaas van eiser, waarin hij opvang ontving en een asielprocedure doorliep, ondersteunt dit niet. De rechtbank concludeert dat er geen bijzondere omstandigheden zijn die toepassing van artikel 17 van Pro de Dublinverordening rechtvaardigen.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-inbehandelingneming van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.