ECLI:NL:RBDHA:2021:15309
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardigheid afwending islam en agnosticisme
Eiser, een Saoedische asielzoeker, verzocht om een verblijfsvergunning asiel op grond van zijn afwending van de islam en bekering tot agnosticisme, met vrees voor onderdrukking door familie en autoriteiten bij terugkeer. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van deze gronden.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van eiser over zijn afwending en bekering wisselend en vaag waren, en dat hij niet overtuigend had aangetoond dat zijn bekering een diepgewortelde en weloverwogen keuze betrof. Ook achtte de rechtbank de geuite problemen met familie en autoriteiten niet aannemelijk, mede omdat eiser Saoedi-Arabië legaal had kunnen verlaten.
Eiser voerde aan dat hij door onduidelijke communicatie van verweerder in de veronderstelling was dat zijn aanvraag in een andere procedure zou worden behandeld, maar de rechtbank vond dat eiser tijdig zijn zienswijze en aanvullingen had kunnen indienen en daardoor niet in zijn belangen was geschaad.
De rechtbank concludeerde dat het beroep ongegrond is en wees het af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.