ECLI:NL:RBDHA:2021:15520
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond op grond van Dublinverordening ondanks leukemie en medische behandeling
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen, omdat Duitsland verantwoordelijk is voor de behandeling volgens de Dublinverordening.
Eiser voert aan dat hij leukemie heeft en medische behandeling nodig heeft die in Duitsland niet meer wordt geboden na een negatieve beslissing. De rechtbank overweegt dat Nederland op het interstatelijk vertrouwensbeginsel mag uitgaan dat Duitsland adequate medische zorg verleent. Eiser heeft onvoldoende bewijs geleverd dat hij in Duitsland geen noodzakelijke zorg kan krijgen.
De rechtbank wijst erop dat eiser in Duitsland onder behandeling stond en geen concrete aanwijzingen heeft gegeven dat zijn gezondheid door overdracht naar Duitsland ernstig en onomkeerbaar zal verslechteren. Verweerder hoefde daarom geen medisch advies van het Bureau Medische Advisering te vragen.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter B. Fijnheer en griffier K.S. Smits op 10 maart 2021.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de aanvraag asiel niet in behandeling genomen wegens verantwoordelijkheid Duitsland.