ECLI:NL:RBDHA:2021:15655
Rechtbank Den Haag
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek homoseksuele vrouw uit Uganda wegens ongeloofwaardig asielrelaas
Eiseres, een vrouw van Ugandese nationaliteit, heeft een asielaanvraag ingediend op grond van haar homoseksuele gerichtheid en de daaruit voortvloeiende bedreigingen en aanvallen in Uganda. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond vanwege de ongeloofwaardigheid van het asielrelaas.
Tijdens de zitting en het nader gehoor bleek dat eiseres tegenstrijdige verklaringen had afgelegd over het aantal aanvallen, de tijdstippen van haar relaties en haar kennis van de LHBTI-positie in Uganda. Zij gaf aan zenuwachtig te zijn geweest, maar kon dit niet voldoende onderbouwen. De rechtbank oordeelde dat verweerder het relaas terecht ongeloofwaardig mocht achten, mede omdat eiseres al twee jaar in Nederland verbleef en voldoende gelegenheid had gehad om haar verhaal consistent te maken.
De rechtbank verwierp de stellingen van eiseres dat verweerder onvoldoende doorvroeg en dat zij onduidelijkheden mocht hebben vanwege zenuwachtigheid. Het beroep werd ongegrond verklaard en de aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens een ongeloofwaardig asielrelaas.