Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Angolese nationaliteit, werd op 8 juli 2021 geconfronteerd met een maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Deze maatregel werd opgelegd vanwege het risico dat eiser zich zou onttrekken aan toezicht en de uitzettingsprocedure zou ontwijken.
Eiser betwistte niet alle zware en lichte gronden die verweerder aanvoerde, waardoor de rechtbank deze gronden als voldoende beschouwde om de bewaring te dragen. Eiser voerde aan dat een lichter middel, zoals een meldplicht, passend zou zijn omdat hij over middelen van bestaan beschikt, een woon- en verblijfplaats heeft en beschikbaar is voor autoriteiten.
De rechtbank oordeelde echter dat verweerder de belangen van eiser voldoende heeft meegewogen en gemotiveerd waarom bewaring noodzakelijk is. De stellingen van eiser over zijn beschikbaarheid en woonplaats konden niet tot een ander besluit leiden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.