Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser 2], V-nummer: [v-nummer] , eiser 2 hierna samen: eisers
Rechtbank Den Haag
Eisers hebben asielaanvragen ingediend die zijn afgewezen door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid omdat hun identiteit, nationaliteit en herkomst niet geloofwaardig werden geacht. Eisers stelden dat hun Keniaanse paspoorten vals zijn en dat zij de Somalische nationaliteit bezitten, onderbouwd met documenten van de Somalische ambassade in Brussel.
De rechtbank oordeelde dat het op eisers rust om aannemelijk te maken dat de paspoorten vals zijn. Voor eiser 2 was reeds in een eerdere Dublinprocedure vastgesteld dat de documenten onvoldoende zijn om de registratie in EU-Vis te weerleggen, een oordeel dat in hoger beroep is bevestigd. Voor eiser 1 geldt dat de verklaringen van de Somalische ambassade slechts op eigen verklaringen zijn gebaseerd en niet voldoende bewijs vormen.
Verder werd aangevoerd dat het spreken van de Somalische taal en het beantwoorden van HIS-vragen onvoldoende is om de nationaliteit aannemelijk te maken. Eisers konden ook niet aantonen dat sprake was van een onredelijk zware bewijslast of bewijsnood. De rechtbank zag geen aanleiding om het voordeel van de twijfel toe te kennen en oordeelde dat de beroepen ongegrond zijn. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de beroepen ongegrond wegens onvoldoende aannemelijkheid van de Somalische nationaliteit en identiteit.