Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [v-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Poolse nationaliteit, werd op 24 juli 2021 de maatregel van bewaring opgelegd op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000. Verweerder voerde aan dat de openbare orde dit vereiste vanwege het risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken en de uitzettingsprocedure zou belemmeren.
Eiser betwistte de gronden voor de bewaring niet, maar stelde dat een lichter middel had moeten worden toegepast, mede vanwege zijn medische situatie met epileptische aanvallen en zijn wens Nederland zelfstandig te verlaten. De rechtbank beoordeelde dat verweerder voldoende specifiek had gemotiveerd waarom bewaring noodzakelijk was, waarbij ook de persoonlijke omstandigheden van eiser waren betrokken.
De rechtbank oordeelde dat het feit dat eiser dacht dat er nog een bezwaarprocedure liep, en zijn medische situatie, niet maakten dat bewaring onevenredig was. Bovendien had eiser al geruime tijd de mogelijkheid zelfstandig te vertrekken, maar had hij daarvan geen gebruik gemaakt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.