ECLI:NL:RBDHA:2021:16505
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening afgewezen
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. Verweerder had op 22 februari 2021 een terugnameverzoek naar Frankrijk gestuurd, dat op 10 maart 2021 werd geaccepteerd.
Eiser stelde dat overdracht aan Frankrijk een schending van artikel 3 EVRM Pro oplevert vanwege onvoldoende opvang en een mensonterende situatie aldaar, verwijzend naar het AIDA-rapport van 1 april 2020. De rechtbank overwoog dat verweerder in principe mag uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat dit in zijn geval niet geldt.
Hoewel het rapport zorgwekkende situaties beschrijft, is er geen bewijs dat de tekortkomingen in opvang en procedure zodanig zijn dat overdracht aan Frankrijk een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro oplevert. Eiser heeft ook onvoldoende aannemelijk gemaakt dat klagen in Frankrijk onmogelijk of zinloos is. De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit zorgvuldig en gemotiveerd is genomen en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.