ECLI:NL:RBDHA:2021:16507
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen weigering asielaanvraag wegens Dublinverordening en verantwoordelijkheid Spanje
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om zijn asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling op grond van de Dublinverordening. Verweerder heeft een overnameverzoek naar Spanje gestuurd, dat door Spanje is geaccepteerd, waarmee het claimakkoord is vastgesteld.
Eiser stelde dat hij eerder een asielaanvraag in Spanje had ingediend die was afgewezen, en dat er daardoor risico op refoulement bestaat. Hij wilde dat Nederland zijn aanvraag inhoudelijk zou behandelen vanwege de complexiteit van zijn situatie. De rechtbank oordeelde echter dat verweerder mocht uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij eerder een asielaanvraag in Spanje had gedaan.
De rechtbank stelde vast dat uit het Eurodac-resultaat alleen blijkt dat eiser illegaal via Spanje de EU is binnengekomen, maar niet dat hij daar een asielaanvraag heeft ingediend. Spanje heeft het overnameverzoek op grond van artikel 13, eerste lid, van de Dublinverordening geaccepteerd. Eiser heeft onvoldoende onderbouwd waarom Spaanse autoriteiten hun verplichtingen jegens hem niet zouden nakomen of waarom het voor hem zinloos zou zijn om klachten in Spanje te behandelen.
Daarom zag de rechtbank geen reden om artikel 17, eerste lid, van de Dublinverordening toe te passen en de aanvraag in Nederland inhoudelijk te behandelen. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard omdat Spanje verantwoordelijk is voor de behandeling.