ECLI:NL:RBDHA:2021:16562
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Nigeriaanse homoseksuele man wegens onvoldoende geloofwaardigheid
Eiser, een Nigeriaanse man, vroeg asiel aan op grond van zijn homoseksualiteit en een relatie met een priester. Hij vreesde vervolging en gevangenisstraf bij terugkeer naar Nigeria. Verweerder erkende zijn identiteit en nationaliteit, maar geloofde zijn verklaringen over zijn seksuele gerichtheid niet en wees de aanvraag af als ongegrond.
Eiser voerde aan dat verweerder onzorgvuldig was en bijzondere procedurele waarborgen had moeten toepassen, waaronder een aanvullend gehoor. De rechtbank oordeelde dat verweerder voldoende zorgvuldig had gehandeld, gezien eisers opleiding, verblijf in Europa en eerdere deelname aan bijeenkomsten voor homoseksuelen.
De rechtbank vond het ongeloofwaardig dat eiser in zes jaar relatie met de priester nooit over homoseksualiteit had gesproken, terwijl de priester bekend was en predikte tegen homoseksualiteit. Ook het ontbreken van persoonlijke gevoelens en ervaringen in de verklaring speelde mee.
Daarmee was de vrees voor vervolging niet aannemelijk gemaakt. Het beroep werd ongegrond verklaard en de aanvraag afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende geloofwaardigheid en aannemelijkheid van vervolgingsgevaar.