ECLI:NL:RBDHA:2021:16601
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Nigeriaanse aanvrager wegens onvoldoende geloofwaardigheid
De eiser, met de Nigeriaanse en Zuid-Afrikaanse nationaliteit, diende een asielaanvraag in die door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid werd afgewezen op basis van onvoldoende geloofwaardigheid van de gestelde problemen in Nigeria.
De rechtbank behandelde het beroep op 6 oktober 2021, waarbij eiser en zijn gemachtigde niet verschenen. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij bij terugkeer naar Nigeria een reëel risico loopt op schending van zijn rechten.
De rechtbank stelde dat het aan eiser is om zijn asielmotieven te onderbouwen en dat zijn verklaring over de problemen in Nigeria, die teruggaan tot een conflict in 1996 waarbij zijn vader omkwam, onvoldoende concreet en geloofwaardig was. Er was geen reden om aan te nemen dat eiser persoonlijk gevaar loopt.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. Tevens werd geen verblijfsvergunning op reguliere gronden toegekend, noch werd nader ingegaan op medische gronden of het terugkeerbesluit.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.