Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek
4.Het verweer
5.De beoordeling
Stcrt.2015/12685) zijn daarvoor nadere regels gesteld (Ontslagregeling).
Rechtbank Den Haag
TUI verzocht de ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een werknemer die sinds 2018 arbeidsongeschikt was en van wie de functie per 1 januari 2020 kwam te vervallen door organisatorische veranderingen binnen de Finance-afdeling. De werknemer was sinds januari 2020 vrijgesteld van werk en herplaatsingspogingen binnen TUI hadden geen passend alternatief opgeleverd.
Het UWV had eerder de ontslagaanvraag van TUI geweigerd, waarna TUI de kantonrechter verzocht de arbeidsovereenkomst te ontbinden op grond van bedrijfseconomische redenen (de a-grond). De kantonrechter oordeelde dat TUI voldoende had onderbouwd dat de functie van de werknemer was komen te vervallen door de centralisatie van de Finance-rapportagelijnen en het wegvallen van D&I-taken.
De kantonrechter vond dat herplaatsing binnen een redelijke termijn niet mogelijk was, mede door de coronacrisis die leidde tot een reorganisatie en het ontbreken van passende vacatures. Het Sociaal Plan van TUI, dat na de functievervaldatum was opgesteld, was niet van toepassing op deze werknemer. De arbeidsovereenkomst werd ontbonden met ingang van 25 maart 2021 en TUI werd veroordeeld tot betaling van een transitievergoeding van €64.626,87 bruto.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden wegens verval van de functie en TUI moet een transitievergoeding van €64.626,87 betalen.