Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [v-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, van Somalische nationaliteit, werd op 17 oktober 2021 in bewaring gesteld op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 vanwege een concreet aanknopingspunt voor overdracht volgens de Dublinverordening en het risico op het onttrekken aan toezicht.
Eiser betwistte de gronden van de bewaring niet, maar voerde aan dat er geen zicht was op overdracht binnen een redelijke termijn en dat verweerder onvoldoende voortvarend had gehandeld. De rechtbank oordeelde dat ondanks afwijzingen van claimverzoeken door Duitsland en Frankrijk, er nog steeds zicht is op overdracht binnen een redelijke termijn, mede doordat België nog moet reageren op een claimverzoek.
Voorts werd geoordeeld dat verweerder voldoende voortvarend heeft gehandeld door tijdig vertrekgesprekken te voeren en claimverzoeken te versturen, waarbij vertragingen voortvloeien uit afhankelijkheid van buitenlandse autoriteiten.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.