ECLI:NL:RBDHA:2021:17015
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang na intrekking machtiging voorlopig verblijf
Eiser, van Braziliaanse nationaliteit, had een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) gekregen voor het verblijfsdoel verblijf als familie- of gezinslid bij een referente. Na beëindiging van de relatie tussen eiser en referente heeft de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de mvv ingetrokken en de aanvraag alsnog afgewezen.
Eiser maakte bezwaar tegen dit besluit, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard. Vervolgens stelde eiser beroep in bij de rechtbank. Tijdens de procedure werd vastgesteld dat eiser op 5 maart 2020 daadwerkelijk gebruik heeft gemaakt van het visum door Nederland in te reizen.
De rechtbank oordeelt dat eiser daardoor geen procesbelang meer heeft bij een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep, omdat hij geen mvv meer nodig heeft om toegang tot Nederland te verkrijgen. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na inreisdatum.