ECLI:NL:RBDHA:2021:17044
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing visumaanvraag kort verblijf wegens gevaar volksgezondheid en opgeschorte langeafstandsrelatiesregeling
Eiseres, een Indonesische nationaliteit houdende vrouw, heeft een visum kort verblijf aangevraagd om haar in Nederland wonende partner te bezoeken. De aanvraag werd afgewezen vanwege gevaar voor de volksgezondheid als gevolg van de coronapandemie en op grond van vestigingsgevaar.
Eiseres stelde beroep in tegen het primaire besluit en het daaropvolgende bezwaarbesluit. Het eerste bezwaarbesluit werd ingetrokken, waarna een nieuw bezwaarbesluit werd genomen dat het bezwaar kennelijk ongegrond verklaarde. De rechtbank oordeelde dat het beroep tegen het ingetrokken besluit niet-ontvankelijk was vanwege gebrek aan procesbelang.
De rechtbank bevestigde dat het visum geweigerd moest worden vanwege het geldende Europese inreisverbod voor niet-EU-reizigers uit landen met een hoog COVID-19-risico. De regeling langeafstandsrelaties was opgeschort en eiseres voldeed niet aan de voorwaarden van deze regeling. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Daarnaast stelde eiseres dat de hoorplicht was geschonden, maar de rechtbank vond dat er geen twijfel bestond dat het bezwaar ongegrond was, zodat van hoorplicht kon worden afgezien. Het beroep werd derhalve afgewezen en er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep tegen het ingetrokken besluit is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het besluit van 20 februari 2021 is ongegrond verklaard.