ECLI:NL:RBDHA:2021:17101
Rechtbank Den Haag
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Verlenging termijn herstel gebreken in bestuursrechtelijke vreemdelingenzaak wegens coronavirus
In deze bestuursrechtelijke vreemdelingenzaak heeft de rechtbank Den Haag bij tussenuitspraak van 5 oktober 2021 besloten de termijn voor het herstel van gebreken door verweerder te verlengen. Eerder was verweerder in de gelegenheid gesteld binnen zes maanden de gebreken te herstellen, maar vanwege de coronapandemie kon het noodzakelijke DNA-onderzoek niet worden uitgevoerd.
Verweerder verzocht tijdig om verlenging van de termijn met zes maanden, omdat het onderzoek op de ambassade in de betreffende plaats niet mogelijk was en uitwijken naar een ander land eveneens onmogelijk bleek. De rechtbank achtte dit verzoek voldoende gemotiveerd en stelde vast dat de vertraging het gevolg was van de uitzonderlijke situatie rondom COVID-19.
De rechtbank verlengde daarom de termijn tot 19 oktober 2021 en hield verdere beslissingen aan tot de einduitspraak. De rechtbank benadrukte dat verweerder bij blijvende onmogelijkheid tot onderzoek andere mogelijkheden moet zoeken. Deze tussenuitspraak volgt op eerdere tussenuitspraak en verlengingsbesluiten in dezelfde procedure.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de termijn voor het herstel van gebreken met zes maanden tot 19 oktober 2021 vanwege de coronasituatie.