ECLI:NL:RBDHA:2021:2067
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag wegens ongeloofwaardige homoseksualiteit
Eiser, van Iraakse nationaliteit, heeft meerdere asielaanvragen ingediend in Nederland, waarvan de eerdere aanvragen reeds zijn afgewezen en onherroepelijk zijn verklaard. Bij de herhaalde aanvraag van 21 september 2020 heeft de Staatssecretaris de aanvraag als kennelijk ongegrond afgewezen vanwege onvoldoende aannemelijkheid van de homoseksuele geaardheid van eiser.
Eiser betoogt dat zijn homoseksualiteit ten onrechte ongeloofwaardig is bevonden en wijst op verklaringen van derden en een rapport over culturele aspecten van seksuele identiteit. De rechtbank overweegt dat verweerder terecht een werkinstructie hanteert die vraagt om concrete persoonlijke ervaringen en gevoelens omtrent seksuele geaardheid, welke eiser niet voldoende heeft toegelicht.
De rechtbank acht het niet onredelijk dat verweerder minder gewicht heeft toegekend aan verklaringen van derden, waaronder die van de partner van eiser, omdat deze niet doorslaggevend zijn zonder aannemelijke eigen verklaringen. Ook het beroep op het rapport en de Procedurerichtlijn faalt omdat eiser voldoende gelegenheid heeft gehad zijn asielrelaas toe te lichten.
Daarom is de afwijzing van de aanvraag als kennelijk ongegrond terecht en wordt het beroep ongegrond verklaard. Eiser heeft geen rechtsmiddel tegen deze uitspraak ingesteld, waardoor het besluit van 13 februari 2019 ook in rechte vaststaat.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde asielaanvraag wegens ongeloofwaardige homoseksualiteit wordt ongegrond verklaard.