ECLI:NL:RBDHA:2021:2159
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling en afwijzing verzoek vervanging gecertificeerde instelling
De rechtbank Den Haag behandelde op 11 februari 2021 het verzoek tot verlenging van de ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen en het zelfstandig verzoek van de moeder tot vervanging van de gecertificeerde instelling die de ondertoezichtstelling uitvoert.
De kinderen verblijven om de week bij elk van hun ouders, die gezamenlijk het ouderlijk gezag hebben. De ondertoezichtstelling was eerder ingesteld vanwege een instabiele en onveilige opvoedomgeving, veroorzaakt door complexe echtscheidingsproblematiek en getuige zijn van huiselijk geweld. De gecertificeerde instelling verzocht om verlenging van de ondertoezichtstelling, wat door de vader werd ondersteund. De moeder stemde in met de verlenging maar wenste vervanging van de gecertificeerde instelling vanwege vermeende partijdigheid en slechte samenwerking.
De rechtbank oordeelde dat de gronden voor ondertoezichtstelling nog steeds aanwezig zijn en verlenging noodzakelijk is. De moeizame relatie tussen moeder en de gecertificeerde instelling werd erkend, maar er was geen bewijs dat de kinderen daardoor schade lijden. Vervanging zou leiden tot verlies van dossierkennis, vertraging en onnodige belasting voor de kinderen. Daarom werd het verzoek tot vervanging afgewezen en de ondertoezichtstelling verlengd voor één jaar met behoud van de huidige gecertificeerde instelling.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling wordt verlengd en het verzoek tot vervanging van de gecertificeerde instelling wordt afgewezen.