ECLI:NL:RBDHA:2021:2403
Rechtbank Den Haag
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Onttrekking aan het verkeer van snorfiets met gestolen motorblok en toekenning geldelijke tegemoetkoming
De rechtbank Den Haag behandelde de vordering van de officier van justitie tot onttrekking aan het verkeer van een snorfiets waarvan het motorblok gestolen bleek te zijn. De snorfiets was in beslag genomen en stond op naam van de belanghebbende, die zich verzette tegen de volledige onttrekking en slechts het motorblok wilde laten verwijderen.
De rechtbank oordeelde dat het ongecontroleerde bezit van een voertuig met gestolen onderdelen in strijd is met het algemeen belang en dat gedeeltelijke onttrekking niet mogelijk is, mede vanwege de werkbelasting voor de politie bij het verwijderen van het motorblok. Daarom werd de gehele snorfiets onttrokken aan het verkeer.
Daarnaast werd vastgesteld dat de belanghebbende te goeder trouw handelde en dat de onttrekking hem onevenredig zou treffen. Daarom kende de rechtbank een geldelijke tegemoetkoming van €1.150 toe, de helft van de gemiddelde tweedehandswaarde van een vergelijkbare snorfiets.
De beslissing werd genomen na hoorzitting waarbij de advocaat van de belanghebbende en de officier van justitie werden gehoord, terwijl de belanghebbende zelf niet aanwezig was. De zaak werd geschorst om aanvullende informatie te verkrijgen en uiteindelijk in raadkamer behandeld.
De rechtbank verwees naar relevante jurisprudentie en concludeerde dat de belangen van de rechtshandhaving en de belanghebbende zorgvuldig zijn afgewogen.
Uitkomst: De snorfiets wordt onttrokken aan het verkeer en de belanghebbende ontvangt een geldelijke tegemoetkoming van €1.150.