ECLI:NL:RBDHA:2021:2997
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen naheffingsaanslag BPM voor BMW Coupé 435d xDrive M Sport
Eiser heeft bij de registratie van een BMW Coupé 435d xDrive M Sport een bedrag van € 1.648 aan BPM aangegeven, gebaseerd op een taxatierapport waarin sprake was van meer dan normale gebruiksschade. De Dienst Domeinen Roerende Zaken (DRZ) voerde een hertaxatie uit nadat de auto was hersteld, en stelde de handelsinkoopwaarde vast op € 38.160.
Eiser maakte in bezwaar bezwaar tegen de naheffingsaanslag BPM, stellende dat de auto schade had en dat de waarde met € 10.000 was gedaald door ex-schade. De rechtbank oordeelde dat het bezwaarschrift tijdig was ingediend en ontvankelijk was.
De rechtbank stelde vast dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat de auto schade had op het moment van aangifte, noch dat de waarde was gedaald door ex-schade. Het taxatierapport was niet overtuigend en de overgelegde stukken waren onvoldoende om de schade te onderbouwen.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter E. Kouwenhoven op 22 maart 2021.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag BPM wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende aannemelijkheid van schade en waardedaling.