ECLI:NL:RBDHA:2021:318
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen weigering asielaanvraag wegens verantwoordelijkheid Italië op grond van Dublinverordening
Eiser, een Nigeriaanse nationaliteit dragende persoon, diende op 11 oktober 2020 een asielaanvraag in Nederland in. De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid besloot op 16 december 2020 de aanvraag niet in behandeling te nemen, omdat op grond van de Dublinverordening Italië verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag. Nederland had op 2 november 2020 een verzoek tot terugname aan Italië gedaan, waarop Italië niet tijdig reageerde.
Eiser voerde aan dat het asielsysteem en de opvang in Italië overbelast zijn, mede door de verspreiding van het coronavirus, en dat hij in Italië niet adequaat zijn asielrelaas kon doen. Ook stelde hij dat hij vanwege een eerdere afwijzing in Italië niet opnieuw tot de procedure en opvang zou worden toegelaten, waardoor overdracht onrechtmatig zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat er een reëel risico bestaat op onmenselijke of vernederende behandeling in Italië, noch dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet meer kan worden toegepast. De omstandigheden in Italië en de eerdere procedure bieden onvoldoende grond om de overdracht te weigeren. Het beroep is daarom ongegrond verklaard.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na bekendmaking.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard.