ECLI:NL:RBDHA:2021:3353
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen maatregel van bewaring vreemdeling
Eiser is op 12 maart 2021 ten onrechte in bewaring gesteld op grond van artikel 59a van de Vreemdelingenwet 2000. Verweerder heeft de bewaring op 16 maart 2021 opgeheven en een nieuwe maatregel opgelegd. Tevens bood verweerder een schadevergoeding aan van €520 en proceskostenvergoeding van €534, welke eiser accepteerde.
Eiser handhaafde het beroep tegen de bewaring omdat hij meent dat een onrechtmatige strafrechtelijke aanhouding voorafging en dat dit de bewaring onrechtmatig maakt. De rechtbank oordeelt echter dat eiser geen rechtens te beschermen belang meer heeft bij de beoordeling van het beroep, aangezien het belang slechts een principiële rechtsvraag betreft.
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk en wijst het verzoek om schadevergoeding af. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd omdat verweerder al heeft toegezegd de proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan door rechter Kessels en griffier Van Buggenum.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring is niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om schadevergoeding is afgewezen.