ECLI:NL:RBDHA:2021:3618

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
24 maart 2021
Publicatiedatum
13 april 2021
Zaaknummer
C/09/606027 / FA RK 21-262
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Opname vaststellingsovereenkomst ouderlijke verantwoordelijkheid internationale kinderontvoering

De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek van de vader tot opname van een vaststellingsovereenkomst met betrekking tot de ouderlijke verantwoordelijkheid over hun minderjarige kind, geboren in Frankrijk. De zaak betrof een internationale kinderontvoering en werd behandeld via een regiezitting met crossborder mediation.

Na mediation, gefaciliteerd door het Centrum Internationale Kinderontvoering, bereikten de ouders overeenstemming over de regeling. De rechtbank paste Nederlands recht toe en nam de vaststellingsovereenkomst op in de beschikking, waarbij de overige verzoeken als ingetrokken werden beschouwd.

De beschikking werd uitgesproken door kinderrechter J.T.W. van Ravenstein en verklaarde de regeling uitvoerbaar bij voorraad. Hiermee werd de onderlinge regeling tussen de ouders formeel bekrachtigd en juridisch bindend gemaakt.

Uitkomst: De rechtbank nam de vaststellingsovereenkomst over de ouderlijke verantwoordelijkheid op in de beschikking en verklaarde deze uitvoerbaar bij voorraad.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 21-262
Zaaknummer: C/09/606027
Datum beschikking: 24 maart 2021

Internationale kinderontvoering

Beschikking op het op 15 januari 2021 ingekomen verzoek van:

[Y] ,

de vader,
wonende te [woonplaats] , Frankrijk,
advocaat: mr. J.A.M. Schoenmakers te Breda.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[X] ,

de moeder,
verblijvende te [plaats] ,
advocaat: mr. M. Ferwerda te Amsterdam .

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
  • het verzoekschrift;
  • het bericht van 21 januari 2021 met bijlagen van de vader.
Op 26 januari 2021 is de zaak ter zitting van deze rechtbank behandeld via een videoverbinding (Skype for Business). Hierbij zijn verschenen:
  • de vader, bijgestaan door zijn advocaat en een tolk in de Engelse taal;
  • de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
  • namens de Raad voor de Kinderbescherming de heer [medewerker RvdK] .
Het betrof hier een regiezitting met het oog op crossborder mediation in internationale kinderontvoeringszaken met als behandelend (kinder)rechter, mr. J.T.W. van Ravenstein. De behandeling ter zitting is aangehouden.
Na genoemde regiezitting hebben de vader en de moeder door middel van crossborder mediation, gefaciliteerd door het Mediation Bureau van het Centrum Internationale Kinderontvoering, overeenstemming bereikt.
De rechtbank heeft vervolgens de volgende stukken ontvangen:
  • het verweerschrift van de moeder, ingekomen op 21 januari 2021
  • het bericht van 5 maart 2021 van de vader met als bijlage de door beide ouders ondertekende vaststellingsovereenkomst.

Beoordeling

Aan de orde is alleen nog het verzoek van de vader tot opname van de vaststellingsovereenkomst in de beschikking.
De vaststellingsovereenkomst bevat de door de ouders getroffen onderlinge regeling ter zake de ouderlijke verantwoordelijkheid aangaande de minderjarige [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2018 te [geboorteplaats] , Frankrijk.
Opname vaststellingsovereenkomst
De rechtbank zal Nederlands recht als haar interne recht toepassen. Nu beide ouders de bevoegdheid van deze rechtbank hebben aanvaard, zal de rechtbank het verzoek als op de wet gegrond toewijzen. De rechtbank zal een kopie van de vaststellingsovereenkomst aan deze beschikking hechten.
De rechtbank beschouwt alle overige verzoeken als ingetrokken.

Beslissing

De rechtbank:
neemt op de door de vader en de moeder getroffen onderlinge regeling ter zake de ouderlijke verantwoordelijkheid aangaande [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2018 te [geboorteplaats] , Frankrijk, zoals neergelegd in de (in fotokopie) aan deze beschikking gehechte vaststellingsovereenkomst en verklaart de beschikking in zoverre uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.T.W. van Ravenstein, (kinder)rechter, tot stand gekomen in samenwerking met mr. M. Corver, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 24 maart 2021.