ECLI:NL:RBDHA:2021:3969
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek minderjarige uit Marokko wegens ongeloofwaardige identiteit en veilig land van herkomst
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van een minderjarige asielzoeker uit Marokko die een verblijfsvergunning asiel had aangevraagd. De staatssecretaris had dit verzoek afgewezen als kennelijk ongegrond vanwege twijfels over de identiteit van eiser en het veilige karakter van Marokko als land van herkomst.
De rechtbank stelde vast dat eiser onder verschillende namen en leeftijden geregistreerd stond in Nederland en Italië, waardoor zijn identiteit ongeloofwaardig werd geacht. Verweerder had voldoende rekening gehouden met de minderjarigheid, opleidingsniveau en culturele achtergrond van eiser tijdens de geloofwaardigheidsbeoordeling. Daarnaast werd het beroep op mishandeling en misbruik door een buurman niet geloofwaardig geacht vanwege inconsistenties en gebrek aan specifieke onderbouwing.
Marokko werd als veilig land van herkomst beschouwd en eiser slaagde er niet in aannemelijk te maken dat hij geen bescherming kon krijgen tegen bedreigingen of mishandeling. Het beroep op mogelijke problemen vanwege het niet willen vervullen van militaire dienstplicht werd als prematuur beoordeeld. Ook het beroep op het arrest TQ inzake onderzoek naar opvang in het land van herkomst faalde omdat geen terugkeerbesluit was genomen.
De rechtbank concludeerde dat het bestreden besluit voldoende was gemotiveerd en wees het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de minderjarige asielzoeker wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft gehandhaafd.