ECLI:NL:RBDHA:2021:406
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielprocedure na afdoening beroepen
Verzoekers hebben beroep ingesteld tegen besluiten van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid waarin hun asielaanvragen niet in behandeling zijn genomen. Tegelijkertijd hebben zij de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen om de gevolgen van deze besluiten te voorkomen.
De voorzieningenrechter heeft in een gecombineerde zitting met soortgelijke zaken geoordeeld dat, nu de beroepen reeds zijn afgedaan in een andere uitspraak, een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. Daarom zijn de verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter en griffier en is onherroepelijk omdat tegen deze uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat.
Uitkomst: Verzoeken om voorlopige voorziening zijn afgewezen omdat de beroepen reeds zijn afgedaan.