ECLI:NL:RBDHA:2021:4398
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen overdracht asielaanvraag aan Italië op grond van Dublinverordening
Eiser, met de Gambiaanse nationaliteit, heeft in Nederland een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel ingediend. Verweerder heeft deze aanvraag niet in behandeling genomen omdat op grond van de Dublinverordening Italië verantwoordelijk is voor de behandeling. Eiser betwist dit en voert aan dat Italië zijn internationale verplichtingen niet nakomt, verwijzend naar slechte opvangomstandigheden en medische zorg.
De rechtbank overweegt dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt en dat verweerder mag aannemen dat Italië zijn verplichtingen nakomt. De door eiser aangevoerde rapporten en het Salvini-decreet zijn onvoldoende om dit vertrouwen te doorbreken. Ook is onvoldoende onderbouwd dat de medische situatie van eiser een uitzondering vormt.
De rechtbank volgt eiser niet in zijn beroep op het arrest Jawo, dat een hoge drempel stelt voor het aannemen van een risico op schending van fundamentele rechten. Ook de coronapandemie vormt geen reden om de overdracht op te schorten. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen.