ECLI:NL:RBDHA:2021:4791
Rechtbank Den Haag
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugkeerbesluit met vertrektermijn en inreisverbod van één jaar
Eiser, afkomstig uit Noord-Macedonië, kreeg op 15 januari 2021 een terugkeerbesluit opgelegd met een vertrektermijn van 28 dagen en een inreisverbod van één jaar. Dit besluit werd genomen omdat eiser de vrije termijn van 90 dagen in het Schengengebied had overschreden, zonder dat hij een verlenging had aangevraagd ondanks de mogelijkheid dit te doen bij overmacht.
De rechtbank constateert dat verweerder in het besluit ook lichte en zware gronden heeft genoemd die normaal leiden tot een vertrektermijn van 0 dagen, maar deze zijn niet van toepassing omdat eiser een vertrektermijn van 28 dagen kreeg. Dit maakt het besluit niet onrechtmatig.
Verder oordeelt de rechtbank dat het inreisverbod van één jaar terecht is opgelegd, aangezien eiser de vrije termijn met meer dan 3 dagen maar minder dan 90 dagen heeft overschreden. Het feit dat eiser familie in Duitsland heeft, leidt niet tot het niet opleggen van het inreisverbod, mede omdat er andere manieren zijn om contact te onderhouden en de termijn niet onredelijk lang is.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit met vertrektermijn en inreisverbod wordt ongegrond verklaard.