Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 april 2021 in de zaak tussen
[eiseres] , te Marokko, eiseres
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
“Dit is een overeenkomst zoals bedoeld in artikel 7:400 Burgerlijk Pro Wetboek”.Niet in geschil is dat bij deze modelzorgovereenkomst het formulier “Toelichting bij het formulier modelzorgovereenkomst met een partner of familielid”, eveneens versie 2019, hoort. Daarin staat op pagina 1:
“De overeenkomst met een partner of familielid is géén arbeidscontract. Uw partner of familielid komt niet bij u in loondienst als u deze overeenkomst afsluit.”Dat referent en zijn vader niet de modelzorgovereenkomst “Zorgovereenkomst voor opdracht” hebben gebruikt, duidt er alleen op dat referent niet werkt als ondernemer voor de inkomstenbelasting. In genoemde modelzorgovereenkomst “Zorgovereenkomst met partner of familielid” staat namelijk “Werkt uw zorgverlener voor u als ondernemer voor de inkomstenbelasting? Gebruik dan de zorgovereenkomst van opdracht.” Verder neemt de rechtbank in aanmerking dat uit de inhoud van genoemde modelzorgovereenkomst “Zorgovereenkomst met partner of familielid” en genoemde bijbehorende toelichting niet valt af te leiden dat referent – in het zorgplan vastgelegde – zorg gaat verlenen onder het gezag van zijn vader/budgethouder. Eiseres heeft het bestaan van een dergelijke gezagsverhouding ook niet geconcretiseerd of onderbouwd. Ook is van belang dat in het genoemde formulier “Toelichting bij het formulier modelzorgovereenkomst met een partner of familielid” op pagina 4 onder het kopje “7.1. Vergoedingen” staat:
“U betaalt de zorgverlener een vergoeding. We spreken niet van een loon omdat de zorgverlener niet bij u in loondienst is. U bent opdrachtgever van de zorgverlener. Werkt uw zorgverlener elke week op vaste dagen een vast aantal uur voor u en heeft u een Wmo of Wlz-budget? Vaak is dan een vaste maandvergoeding mogelijk.”. Hieruit volgt dat referent en vader geen loon maar een – maandelijkse – vergoeding zijn overeengekomen. In dat licht moeten dan ook de in de gebruikte modelzorgovereenkomst opgenomen opties worden gezien om (i) de SVB te machtigen om de loonheffing en de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw in te houden en af te dragen aan de belastingdienst en (ii) de loonheffingskortingen toe te passen. Overigens wijst de rechtbank erop dat in het formulier “Toelichting bij het formulier modelzorgovereenkomst met een partner of familielid” op pagina 6 bij het kopje “Zieke zorgverlener” staat:
“U betaalt uw zorgverlener alleen voor de gewerkte uren. U hoeft dus niet door te betalen bij ziekte. (…) Wij regelen dat de betaling aan uw zorgverlener tijdens de ziekte wordt gestopt.”Eiseres heeft niet betwist dat bij ziekte van referent de vader niet hoeft door te betalen.