Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
1.Het procesverloop
- het verzoekschrift van de werknemer met producties, ter griffie ingekomen op 10 maart 2021;
- het oproepingsexploot d.d. 8 april 2021 met een uittreksel van de publicatie in de Staatscourant.
2.De feiten
3.Het verzoek en de beoordeling
- een billijke vergoeding van € 5.000,- bruto, althans een door de kantonrechter te bepalen billijke vergoeding;
- de transitievergoeding ex artikel 7:673 BW Pro;
- € 1.736,30 ter zake achterstallig salaris;
- € 219,44 ter zake niet-genoten vakantie-uren;
- € 156,46 ter zake vakantietoeslag;
- € 190,22 ter zake reiskosten;
- € 1.056,10 ter zake de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW Pro;
- de wettelijke rente over de hiervoor genoemde bedragen vanaf het tijdstip van opeisbaarheid tot aan de dag der algehele voldoening;
- de kosten van de procedure.